Dorian Godon (29) heeft de proloog van de Ronde van Romandië gewonnen. Al vroeg zette hij in de korte tijdrit een absolute toptijd neer, die niemand kon breken, ook Tadej Pogacar niet, die nochtans speciaal op een nieuwe fiets reed.
Een tijdrit van 3,2 kilometer. U zou bijna denken: daarvoor komen de renners toch niet uit hun bed? Maar niets is minder waar. Een voor een rolden de renners in Villars-sur-Glâne van het startpodium voor een tocht van een kleine vier minuten.
In en uit een dalletje: eerst anderhalve kilometer dalen, daarna anderhalve kilometer bergop aan vijf procent. Het was het perfecte parcours voor punchers en zelfs sprinters. Dat bewees de Fransman Dorian Godon. Al vroeg in de namiddag zette hij een tijd neer van 3’35”12. Om u een beter beeld te geven: dat is met een gemiddelde van ruim 52 kilometer per uur. Een straffe tijd, zo bleek.
“Ik nam elke bocht à bloc en nam heel wat risico’s”, vertelde de Fransman nadien. “Ik wou heel graag een wedstrijd winnen hier in Romandië: dat is gelukt en ik heb nu ook de gele trui.”
Achtereenvolgens beten specialisten als Roglic, Söderqvist en Lipowitz een voor een hun tanden stuk op de tijd van de Fransman. De Belgen speelden geen rol van betekenis: geen enkele landgenoot eindigde bij de eerste vijftien.
Maar de grootste specialist moest nog komen: Tadej Pogacar, voor de gelegenheid op een gloednieuwe fiets. Het gaat om een nieuwe tijdritvariant waarmee hij vooral in de Tour extra procentjes winst moet boeken op Vingegaard en Evenepoel.
De fiets is lichter en aerodynamischer dan de vorige versie, maar desondanks raakte Pogacar niet voorbij de toptijd van Godon. Uiteindelijk werd de Sloveen slechts zesde. Zijn slechtste resultaat dit kalenderjaar is dat. Al had winnaar Godon daar meteen een verklaring voor: “Pogacar nam minder risico dan ik.”