Auwch, zou je durven denken. Twee weken vóór het weg-WK tijdens de generale repetitie op hetzelfde parcours uit de wielen worden gereden door je rechtstreekse titelrivalen? Niet leuk. Maar paniek is Remco Evenepoel (26) vreemd. Trust the process, luidt zijn credo. Zoals hij al zo vaak deed in het verleden. Recent nog, in de Tour. En met succes. “Mispak je niet aan hem. Hij zal klaar zijn”, beseffen ook Del Toro en Paul Seixas.
Neen, helemaal niet. (glimlacht) “Ah, dank u.” Of Remco Evenepoel echter anno 2026 de status van béste renner ter wereld verdient, zal pas over twee weken moeten blijken. Op exact hetzelfde finaleparcours. In datzelfde Montréal. Tegen dezelfde grote concurrenten – met nog een stuk of wat erbij.
Tot zolang moeten wij, neutrale waarnemers, ons baseren op een momentopname. Een indruk. Een gevoel. En dat is na deze GP op z’n minst wel een beetje dubbel te noemen. Want het was natuurlijk wat het was.
Isaac Del Toro en Paul Seixas reden op de klimmetjes in en rond het Parc du Mont Royal in de eerste fase van hun beslissende move bijna een minuut van onze oppertroef voor het WK weg. Het duo stak erbovenuit en eigende zich in het favorietenlijstje voor de regenboogstrijd van zondag 27 september resoluut de drie sterren toe.
Evenepoel berustte na afloop, liet alles even bezinken en kwam in het daaropvolgende discours meteen to the point. “De hele dag door voelde ik me niet zo goed”, klonk het. “Reden ook waarom ik de ploeg niet aanmaande om offensief te koersen. En we eerder de controle op het circuit probeerden te verwerven.”
Maar waar lag het dan aan? Dat vroeg hij zich wél af in een reeks van mogelijke argumenten die de revue passeerden.
“Was het het vochtige weer, waarin ik doorgaans niet mijn beste benen vind? De wat amateuristische, té lange bustrip op zaterdag tussen Québec en Montréal die in de kleren zat? Ach, dat geldt voor iedereen, natuurlijk.”
“De zware inspanningen in de laatste dertig kilometer van de GP Quebéc waarvan ik niet hersteld was en die anderen bespaard bleven? Of mis ik simpelweg nog wat extra punch, een weerkerend fenomeen zo kort na mijn terugkeer van hoogtestage?”