De eerste grote cross van het nieuwe seizoen kreeg met Michael Vanthourenhout (31) wellicht de mooist mogelijke winnaar. Niet alleen moest hij het in Ruddervoorde opnemen tegen een overmacht, ook de extra-sportieve beslommeringen deden de zege dubbel zoet smaken: in de zomer leken zijn lot en dat van zijn ploeg nog aan een zijden draadje te hangen.
“Onderschat dit niet. Dit is een hele mooie.”
Jurgen Mettepenningen stond te glunderen na de finish van de cross in Ruddervoorde. Dit was een overwinning waarop de manager van Pauwels Sauzen-Altez Industriebouw niet had durven hopen. Door de afwezigheid van Eli Iserbyt, nog herstellend van een zware liesoperatie, had Mettepenningen maar één renner aan de start die kans maakte op de prijzen. En dat terwijl de grote concurrenten, de broers Roodhooft, met hun verschillende ploegen wel zeven of acht podium- en winstkandidaten in stelling konden brengen.
Het leek een ongelijke strijd. Vanthourenhout moest de hele namiddag opboksen tegen een overmacht. Vooral het blok van Crelan-Corendon, met Sweeck, Verstrynge, Vandebosch, Wyseure en Meeussen, zag er indrukwekkend uit. “Maar Michael reed de perfecte wedstrijd”, zei Mettepenningen.
Vanthourenhout kwam niet te veel op kop, maar reed wel voortdurend alert voorin, waardoor hij snel kon reageren op de moves van de concurrenten. “Ik werd geholpen door de koersomstandigheden”, zei hij zelf. “Er is heel hard gereden, daardoor was het ploegenspel minder belangrijk en waren het vooral de benen die spraken.”
En die waren dus prima, ook al geloofde Vanthourenhout eerst niet in zijn winstkansen. Ruddervoorde is niet het type cross waar hij van houdt – te snel, te lichtlopend, MVT heeft liever een zwaardere cross. “Ik zat de hele week te hopen op regen.”
Maar winnen wilde hij wel heel graag. Ruddervoorde stond al lang op zijn lijstje. “Ik ben een kilometer of tien verderop opgegroeid”, vertelde hij. “Dit is een cross die ik ooit wilde afvinken. Moest afvinken.”